april 2012
Opening speech door Onno Groustra, publicist en kunstcriticus. Het Kek, Beverwijk.

 

Bert Maurits - ‘Ongeremd schildersplezier’


Toen ik ongeveer 21 jaar geleden het Kennemer Theater binnenstapte - dat toen trouwens nog De Nieuwe Slof heette - voor een van mijn allereerste recensies, zat ik net als Bert Maurits op de kunstacademie. Iedere avond reisden we op en neer naar Den Haag, om daar op de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten geïnspireerd te worden, of gefrustreerd te raken - wat ons ook regelmatig gebeurde. Kunst maken is namelijk niet makkelijk, en de keuze daarvoor is dan ook een moedige te noemen, misschien juist nu wel, in deze tijd.

De kop van de recensie in de IJmuider Courant, die ik toen over het werk van Peter Langenberg schreef, was ‘Ongeremd schildersplezier’. Dat geldt duidelijk ook voor het werk van Bert. Het ongeremde schildersplezier spat ervan af! Daarbij put hij voor inspiratie uit het, of liever gezegd zijn dagelijks leven, meer nog dan uit boeken, of uit de kunsthistorie. Alhoewel - als jonge gast werd hij getroffen door de groepsportretten van welgestelde 17e eeuwse burgers van Frans Hals, nog steeds de kern van de collectie in het gelijknamige museum in Haarlem. De directe schilderstijl van Hals, zijn losse toets - alsof het allemaal gisteren nog is gedaan - raakte hem zeer. Een kiem was geplant.
Het duurde nog wel even voordat hij hier aan toe durfde te geven. Eerst waren er tien jaren als verpleegkundige en groepsleider in de geestelijke gezondheidszorg, voordat Bert naar de kunstacademie toog. Dat is ook wel een stap. Maar goed, de teerling was geworpen. Vanaf dat moment is het in de eerste plaats de kunst die voor hem telt. Met de hier hangende 21 schilderijen, geschilderd op PTT postzakken of linnen, als voorlopig eindresultaat.
Voor de schilder Bert Maurits is er altijd een herkenbare aanleiding om een schilderij te maken. De hier geëxposeerde portretten en naakten uit de afgelopen vijf jaar getuigen hiervan. Met acrylverf - en soms ook spuitlak of gewone huisverf - begint hij meestal met het aanbrengen van een min of meer abstracte onderlaag. Daaroverheen komt dan de figuratieve tekening. Soms niet meer dan een rake schets van een model, waarbij hij gebruik maakt van foto’s. De suggestie moet het hem hier vooral doen, zoals in zijn versie van de Mona Lisa (schilderij nummer 5). In andere beelden is hij explicieter, soms tot op het banale af. Kijk maar eens naar Twin II (nummer 9), waar de geschilderde kettingen een emotionele band lijken te vervangen. Of naar Madame Amy (nummer 7), onmiskenbaar een portret van de te vroeg heengegane soulzangeres Amy Winehouse.
Maar kijk dan ook naar de fraaie collage Antigone (nummer 13), die in een andere vorm nog is gebruikt als poster voor Toneelgroep Amsterdam. Ik vind persoonlijk Bert op zijn best wanneer hij iets te raden overlaat. Zoals hij laat zien in de vier kleine schilderijtjes van vrouwenportretten, die hier in vitrines liggen. Op een daarvan drijft - als een hedendaagse Ophelia - een vrouwenhoofd in het water. Ondergang of redding lijken ongeveer even dichtbij. Ook sterk zijn wat mij betreft de grote (mannen)koppen.  
Vroeger, op de kunstacademie, was een van de meest beledigende opmerkingen die je kon krijgen, dat je schilderij was gemaakt als kunst voor ´boven de bank´. Liever je bank aanpassen aan je favoriete schilderij dan andersom, was het adagium. Maar misschien maakt Bert juist wel schilderijen voor boven je favoriete bank! Ze hangen bijvoorbeeld heel vanzelfsprekend in de Haarlemse meubelzaak Van Duivenboden. Of in restaurant ´Bij Tholen´, waar je overigens ook heel lekker kunt eten. En de schilderijen van Bert worden er nog verkocht ook! Voor boven de bank, of passend bij het dressoir…
Natuurlijk kan ik nog van alles zeggen over zijn invloeden en inspiratiebronnen. Ik noem hier Sam Drukker, die net als Bert Maurits figuratief werkt, op postzakken heeft geschilderd en daarbij ook de PTT opdruk nadrukkelijk als beeldelement laat meespelen. Bij Bert zijn het overigens soms ook eigen stempels. Of ik noem Pop Art en Street Art, die hij zelf als raakvlakken met zijn eigen werk aangeeft, samen met de bredere stroming van het expressionisme. Herkenbaar, want ook Bert schildert als vanzelf in de tijdgeest. En je zou ook blij verrast zijn als je zijn werk op een muur in een achteraf steegje zou tegenkomen.
Maar de organisatie heeft mij verzocht dit introductiepraatje beknopt te houden, en wie ben ik dan om daar in een urenlange monoloog vanaf te wijken..!
Afsluitend nog een woord van lof voor het Kennemer Theater, dat deze fantastische expositieruimte voor de regio heeft weten te behouden. Maar zeker ook voor de Stichting Kunst Exposities Kerkplein, die veel energie blijft steken in het organiseren van dit soort exposities. Door daarbij gunstige voorwaarden te hanteren, bieden ze lokale en regionale kunstenaars alle kans hun werk tegen schappelijke prijzen aan de vrouw of man te brengen. En dat is natuurlijk ook voor u, als bezoeker, zeer interessant. Ik zou dan ook zeggen, sla u slag - u heeft er nog tot 29 mei de tijd voor!
En hiermee verklaar ik deze, inmiddels tweede solo-expositie van Bert Maurits in het Kennemer Theater in Beverwijk voor geopend!
Ik dank u wel.
Onno Groustra      
28 april 2012